WTTA voor inleners: welke eisen je nu al moet borgen in beleid en aanbesteding
De WTTA wordt vaak gelezen als een wet voor uitleners. Logisch, want zij moeten straks worden toegelaten tot de uitleenmarkt. Maar voor inleners zit de echte verandering ergens anders. De wet brengt niet alleen een toelatingsplicht voor uitleners mee, maar ook een controleplicht voor inleners. Volgens de huidige informatie treedt de wet op 1 januari 2027 in werking en start handhaving vanaf 1 januari 2028.
Toch is dit geen onderwerp om pas op te pakken zodra het openbare register beschikbaar is. Tegen die tijd moeten processen, verantwoordelijkheden en contractafspraken al staan. In dit artikel lees je wat je als inlener nu al moet regelen in beleid, contracten en aanbesteding.
Begin niet bij de wet, maar bij je eigen inhuurproces
De eerste vraag is niet of je leveranciers straks zijn toegelaten. De eerste vraag is of je scherp hebt hoe externen jouw organisatie binnenkomen. Veel organisaties denken dat ze dat overzicht hebben, totdat ze de praktijk echt in kaart brengen. Dan blijken er vaak meer schakels, uitzonderingen en losse afspraken te zijn dan vooraf gedacht.
Juist daar raakt de WTTA aan beleid. Want als je nu al onvoldoende zicht hebt op leveranciers, contractvormen en doorleenconstructies, leidt registercontrole straks tot veel extra werk. Wie grip wil, moet externe inhuur niet versnipperd laten over HR, inkoop, contractmanagement en de lijn, maar één werkbaar proces organiseren.
Wat je nu al in beleid moet borgen
Wie straks aan de WTTA wil voldoen, moet nu al nadenken over eigenaarschap, vastlegging en hoe je omgaat met risico’s in de keten.
1. Duidelijk eigenaarschap
De WTTA vraagt om een vaste werkwijze binnen je organisatie. De officiële informatie voor inleners is daarover helder: wijs een verantwoordelijke aan voor toelatingscontroles, train betrokken afdelingen en zorg dat duidelijk is wanneer controle nodig is en wat er moet worden vastgelegd. Juist op dit punt kan het in de praktijk misgaan. Als niemand echt eigenaar is, wordt controle al snel een taak van “iemand in het proces” en daarmee van niemand.
2. Controle als vast proces, niet als los vinkje
Als inlener moet je straks zelf controleren of een uitlener is toegelaten. Niet één keer, maar vóór de inleen, opnieuw bij de start en periodiek tijdens de samenwerking. Daarnaast moet je bewijs van die controles bewaren, met in ieder geval de datum, de naam van de gecontroleerde uitlener en de status van de toelating op dat moment. WTTA-borging hoor daarom niet thuis in een losse juridische notitie, maar in je dagelijkse proces.
3. Transparantie in ketens en doorlenen
De WTTA laat zien welke kant de markt op beweegt: minder ruimte voor onduidelijke ketens. Bij doorlenen moeten alle betrokken uitleners aan de toelatingsplicht voldoen. Als inlener ben je zelf verantwoordelijk voor het controleren bij welke uitlener de werknemer daadwerkelijk in dienst is. De officiële voorlichting adviseert bovendien om de keten zo kort mogelijk te houden, omdat langere ketens sneller onduidelijk worden en meer risico geven op constructies die regels omzeilen.
Voor beleid betekent dit dat je niet alleen vastlegt dát leveranciers compliant moeten zijn, maar ook dat ketens inzichtelijk moeten zijn. Wie is formeel werkgever? Welke schakels zitten ertussen? En mag een leverancier werken met onderaannemers of doorleenconstructies? Dit zijn vragen die je vooraf wilt beantwoorden, niet pas als er iets misgaat.
4. Ben voorbereid op schorsing of intrekking
Wat gebeurt er als een uitlener zijn toelating verliest? Volgens de informatie voor inleners wordt een schorsing of intrekking maximaal vier weken vóór de ingangsdatum zichtbaar in het openbare register. In die periode mag je nog wel werken met werknemers die al zijn ingeleend, maar je mag geen nieuwe werknemers of nieuwe inleenrelatie meer starten. Zodra de schorsing of intrekking ingaat, mag je helemaal geen zaken meer doen met die uitlener.
Dat vraagt om beleid dat verder gaat dan controle alleen. Je wilt vooraf hebben vastgelegd wie zo’n wijziging signaleert, wie nieuwe aanvragen blokkeert, hoe je omgaat met lopende inzet en welk alternatief klaarstaat als continuïteit onder druk komt te staan.
Wat je nu al in aanbesteding moet opnemen
Wie nu een broker-, MSP- of ander inhuurcontract voorbereidt, doet er verstandig aan om WTTA niet als toekomstparagraaf te behandelen, maar als selectie- en contractthema van vandaag. De checklist voor inleners zegt expliciet dat je bestaande contracten moet toetsen en nieuwe contracten hier alvast op moet aanpassen.
In de aanbesteding hoort dat op drie plekken terug te komen.
- Allereerst in de minimumeisen. Vraag niet alleen of een leverancier “zich voorbereidt op de WTTA”, maar hoe dat aantoonbaar gebeurt. Denk aan voorbereiding op toelating, werkwijze rond onderaannemers, meldplicht bij statuswijzigingen en de manier waarop de leverancier ketentransparantie organiseert.
- Daarnaast in de gunningscriteria. Daar wil je zien hoe een partij de samenwerking inricht. Hoe wordt toelatingscontrole ondersteund? Welke rapportages krijg je? Hoe worden wijzigingen in de keten gemeld? En hoe wordt voorkomen dat managers of afdelingen buiten afgesproken routes om inhuren? Die uitvoerbaarheid is minstens zo belangrijk als de juridische tekst.
- Tot slot in de contractvoorwaarden. Leg vast dat samenwerking alleen mogelijk is met toelating, ontheffing of geldige overgangsstatus, dat deze status gedurende de hele looptijd geldig moet blijven, dat wijzigingen direct gemeld moeten worden en wat er gebeurt bij schorsing, intrekking of doorlenen. Juist die afspraken voorkomen later discussie onder tijdsdruk.
Kun je deze vragen al beantwoorden?
Kun je vandaag al zonder veel moeite antwoord geven op deze vragen: wie controleert straks het register, waar leg je bewijs van controles vast, hoe gaan we om met doorleenconstructies en wat doen we als een leverancier zijn toelating verliest? Als het antwoord daarop nog vaag is, dan zit de grootste WTTA-opgave waarschijnlijk niet bij je leverancier, maar in je eigen organisatie.
Anders kijken naar de WTTA
De WTTA brengt uitdagingen met zich mee, maar dwingt organisaties ook om externe inhuur beter te organiseren. Niet alleen om boetes te voorkomen, maar ook om meer grip te krijgen op leveranciers, ketens en uitvoering. En precies daar begint betere inhuur meestal: niet bij extra papier, maar bij heldere afspraken die in de praktijk ook werken.
Verder praten over de WTTA?
Heb je vragen over de WTTA en de gevolgen voor jouw organisatie? Neem dan gerust contact met ons op. We denken met je mee en helpen je om ook in de toekomst op een professionele manier extern in te blijven huren.
Caspar
Jurist